Op zondag 7 augustus is het dan eindelijk zover. We hebben er allemaal lang op gewacht, maar deze zondag vertrekken we naar Bussum voor ons zomerkamp. We hebben vernomen dat er in de buurt van ons clubhuis, een spel is gevonden. Het is een ongewoon spel, wat soms voor vreemde dingen zorgt. Nieuwsgierig gaan we op weg!

Tijdens een verkenning door de omgeving vinden we allerlei posters van mensen die vermist zijn. Deze mensen zijn vermist na het spelen van het vreemde spel. Alle verdwenen mensen hebben 1 overeenkomst, ze zijn aan het spel begonnen, maar hebben het niet afgemaakt.

Na een lekkere kom soep en salade, spelen we een potje honkbal en gaan lekker op tijd naar bed. Maar nog geen uurtje later, hoort de leiding iets in het bos.

Nadat iedereen wakker is gemaakt, gaan we naar buiten met onze zaklampen. We vinden een spoor wat het bos in leidt. We volgen het spoor en vinden een groene kist. We nemen de kist mee naar binnen en vinden in de kist een spel, dobbelstenen, 2 rode driehoekjes, opgepropte vermist posters, spelregels en pionnetjes. We besluiten eerst te gaan slapen en de volgende ochtend verder te kijken.

Als we de volgende ochtend wakker worden gaan we, na een goed ontbijt, het bos in en leggen het spel klaar. We lezen de spelregels eens goed door. Sommige regels zijn: ‘Zodra de dobbelstenen het spelbord raken, is het spel begonnen.’ ‘Het spel moet altijd op dezelfde plek gespeeld te worden.’ ‘Zodra het spel begonnen is, moet het uitgespeeld worden.’ ‘Het spel moet in 3 groepjes worden gespeeld.’ ‘Elk groepje mag 2 keer gooien.’ ‘Na elk groepje heeft gegooid, moet er een versje uit het molentje worden getrokken en voorgelezen worden.’
Aangezien de dobbelstenen al op het bord liggen, moeten we het spel wel spelen. We maken groepjes en beginnen het spel. Al gauw komt het eerste versje; “Wees nu allemaal even stil, omdat ik wat zeggen wil.” We zijn allemaal heel stil en dan horen we een harde gil uit het bos komen. We laten het spel liggen en gaan snel kijken wat er aan de hand is. We vinden een verdrietige vrouw, helemaal van de kaart, met een briefje in haar hand waarop staat dat het spel begonnen is en dat hij gaat zorgen dat we het spel niet gaan uitspelen, ondertekent door de spelrover. We hebben geen idee wie de spelrover is, maar zijn naam voorspelt niet zoveel goeds.
We besluiten snel terug te gaan naar het spel, als we er bijna zijn, zien we iemand in het zwart bij het spel staan! We schrikken en roepen dat hij weg moet gaan. Hij schrikt van ons en rent snel weg.

We gaan terug naar het spel en spelen snel verder, hoe eerder het spel uitgespeeld is, hoe beter! Het volgende versje luidt; “Uit onverwachtse hoek, krijgen jullie spontaan bezoek.” We kijken om ons heen en zien tot onze verbazing een vriendelijke trol aan komen lopen. Hij schrikt als hij ziet dat we het spel aan het spelen zijn en zegt dat we het spel snel uit moeten spelen. Hij ziet dat wij ook geschrokken zijn en geeft ons een recept wat we als avondeten kunnen maken, trollenkoeken. Maar eerst vind hij dat we iets leuks moeten gaan doen.

We gaan gezellig zwemmen met z’n allen! Nog geen 5 minuutjes lopen vanaf ons clubhuis, zit een groot zwembad met 3 grote baden, 2 duikplanken, een glijbaan en een bubbelbad. We hebben ons heerlijk vermaakt!

Na een paar uur zwemmen, gaan we terug naar het clubhuis om onze trollenkoeken te maken. Het smaakt precies zoals pannenkoeken, alleen zijn ze blauw van kleur. We hebben lekker gegeten. Na het eten, spelen we nog even het spel. Het versje “een feestje op zijn tijd zorgt voor wat gezelligheid, dus maak nu een mooie slinger en knip niet in je vinger.” We knutselen wat en gaan daarna lekker slapen.

De volgende dag gaan we verder met het spel en na het versje “Harte, schoppe, klaver, ruit kies de mooiste er maar uit” komt er een kaartenvrouw aanlopen. Ze heeft een spel meegenomen wat we helemaal moeten spelen, voordat we verder kunnen met het spel. Gelukkig winnen we het spel en kunnen gauw verder gaan. Als we verder gaan, komt het volgende versje “Verstoten door zijn familie, komt hij bij jullie zoeken wat hij mist. Pas goed op, want hij is de liefste niet beslist.” Uit de bosjes verschijnt een duivel, hij is op zoek naar iets en vraagt of wij toevallig zijn rode hoorntjes gevonden hebben. We snappen nu wat de twee rode driehoekjes zijn en geven de duivel zijn hoorntjes terug. De duivel is blij en gaat gauw weer naar huis om zijn hoorntjes aan te laten groeien.
Wij gaan terug naar ons clubhuis om lekker te lunchen en gaan daarna weer verder met het spel. Na het versje “Pas op, pas op, ik kom eraan, kijk uit, ik ben een boze indiaan” komt er een boze, schreeuwende indiaan aangerend. Er komen weinig woorden uit hem, maar hij zegt nog wel dat hij ons in de gaten zal houden.
We gaan gauw verder met het spel, als het volgende versje er al weer is “Een flinke klap toen hij viel, lijkt je volgende bezoeker wat imbeciel.” Een verstrooide tovenaar komt aangelopen. Hij heeft een verscheurd briefje bij zich en als we de stukjes aan elkaar leggen, blijkt er een spreuk op te staan; “Slecht door een zwarte veer, betoverd door een verstrooide heer. Keer om die rare spreuk en wordt weer leuk.” We roepen de indiaan en terwijl hij naar ons toe loopt, zeggen we samen met de tovenaar de spreuk en ineens veranderd de boze indiaan in een vrolijke en lieve indiaan. De tovenaar haalt de zwarte veer uit de indiaan z’n tooi, wat bleek dat deze veer de indiaan slecht had gemaakt. De indiaan gaat vrolijk weer naar huis en wij gaan verder met het spel.

Het volgende versje luidt “Zoek de piëta in het bos op, sla hem op zijn kop. Al geef je hem een tikkie dan krijg je een chipie.”. We gaan opzoek naar de piëta’s en na een klap er tegenaan, komt er inderdaad voor iedereen een zakje chips uit vallen. We pakken wat drinken erbij en gaan lekker even wat drinken en chips eten.

Plotseling is daar de spelrover weer en pikt hij een dobbelsteen van ons! We rennen achter hem aan, maar helaas is hij te snel. Er zit niets anders op dan het spel proberen uit te spelen met 1 dobbelsteen.

Gauw gaan we verder. Het versje “Dit is jullie laatste hindernis, om te ontsnappen uit deze gevangenis. Als jullie mij verslaan, kunnen jullie verder naar het einde gaan” maakt ons erg benieuwd hoe het verder gaat. We hoeven nog maar een klein stukje tot het einde! Een boze houthakker met een dikke buik en 1 arm komt aangelopen. Hij draagt een bijl bij zich en dreigt het spelbord kapot te maken. We moeten hem verslaan in zijn spel. Als wij winnen, kunnen we doorspelen tot het einde, als hij wint, vernietigt hij het spel. Gelukkig winnen we en we zijn erg blij!

We spelen gauw verder voor het laatste stukje! Als we bij het einde zijn, horen we weer gegil. We gaan weer zo snel mogelijk kijken wat het is en vinden weer dezelfde vrouw. Weer heeft ze een briefje in haar hand, maar deze keer staat erop dat we het spel uitgespeeld hebben en de spelrover verslagen hebben! We zijn ontzettend blij en vieren dat deze avond ook uitgebreid met een bonte avond. We gaan eerst lekker patatjes eten en daarna maken we ons klaar voor de bonte avond. Iedereen heeft leuke stukjes ingestudeerd, zoals een uitdaging twister en leuke dans optredens van de meiden. Na een gezellige avond gaan we lekker slapen.

De volgende dag is het alweer de laatste dag. We pakken alles in en zetten alles vast klaar voor vertrek. Als alles ingepakt is, gaan we nog even het bos in en spelen het laatste spel van dit kamp, vlaggenroof. Als we een uurtje later terug komen bij het clubhuis, hangt aan het hek een leuke kampherinnering voor iedereen. Het is een sleutelhanger met een foto van ieder van ons en aan de sleutelhanger hangt het recept voor de trollenkoeken, zodat iedereen het thuis ook nog kan maken. De ouders komen er aan die ons terug gaan rijden en we vertrekken terug naar Waddinxveen. Daar staan de andere ouders ook op ons te wachten.

Na een ontzettend gezellig en zeker ook spannend kamp, gaan we allemaal naar huis en zien we elkaar weer bij de eerste opkomst van het nieuwe jaar.

© 2010 by "Swen van den Berg"  All Rights reserved
Thema
Jumanji
Bussum
Waar
b1
b2
b3
b4